Rechtbank Midden-Nederland 10 maart 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:1104:
https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:1104
4.4. Vooropgesteld
wordt dat in hoofdstuk 1.2 Aw - dat de beginselen en uitgangspunten bij
aanbesteden bevat - in artikel 1.8 Aw is opgenomen dat een aanbestedende dienst
ondernemers op gelijke en niet-discriminerende wijze dient te behandelen. In
artikel 1.9 lid 1 Aw 2012 is vervolgens bepaald dat een aanbestedende dienst
transparant dient te handelen. Deze bepalingen zorgen ervoor dat elk risico van
favoritisme en willekeur wordt uitgebannen en er een gelijk speelveld (ook wel
“level playing field” genoemd) voor alle (potentiële) inschrijvers wordt
gecreëerd.
4.5. Dit
gelijk speelveld vraagt van een aanbestedende dienst dat de opdracht zo goed
mogelijk wordt omschreven en dat inschrijvers van dezelfde (hoeveelheid)
informatie worden voorzien. Het creëren van een gelijk speelveld gaat echter
niet zo ver dat een aanbestedende dienst alle voordelen van de zittende
ondernemer(s) moet wegnemen. Onderkend moet worden dat er altijd een relatief
voordeel zal zijn voor de zittende ondernemer(s), omdat deze kennis heeft/hebben
van de cultuur, de organisatie en de markt waarop de nieuwe opdracht wordt
uitgevraagd. Deze voorsprong is echter niet zonder meer onrechtmatig. Daarvan
is pas sprake als die kennisvoorsprong de mededinging kan vervalsen of
uitschakelen en er ongelijke kansen zijn. Wanneer het gelijk speelveld wordt
verstoord is het aan de partij die daar een beroep op doet om voldoende
concrete feiten en omstandigheden te stellen waaruit die verstoring, in dit
geval door een gestelde kennisvoorsprong van de zittend leverancier, blijkt.
4.6. Uitgangspunt
bij de beoordeling is wat door de aanbestedende dienst in de
aanbestedingsstukken is uitgevraagd, in dit geval in de onder 3.2 genoemde 4
processtappen en het bijbehorende PvE. Daarin wordt immers informatie verstrekt
over de in de markt te zetten opdracht en de toepasselijke eisen en
randvoorwaarden waaraan potentiële inschrijvers in dat kader moeten voldoen. Om
een gelijk speelveld te waarborgen dient die informatie dan wel eisen en
randvoorwaarden voor iedere potentiële inschrijver gelijk te zijn.
Is juist.
En in lijn met bijvoorbeeld Rechtbank Gelderland 7 maart 2023, ECLI:NL:RBGEL:2023:4782:
https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2023:4782
4.9. De
voorzieningenrechter stelt voorop dat het level playing field van een
aanbestedende dienst vraagt dat de opdracht zo goed mogelijk wordt omschreven
en dat inschrijvers van dezelfde (hoeveelheid) informatie worden verzien. Het
level playing field gaat echter niet zo ver dat een aanbestedende dienst alle
voordelen van de zittende ondernemer(s) moet wegnemen. Onderkend moet worden
dat er altijd een relatief voordeel zal zijn voor de zittende ondernemer(s),
omdat deze kennis heeft/hebben van de cultuur, de organisatie en de markt
waarop de nieuwe opdracht wordt uitgevraagd. Waar het in de kern om gaat is dat
geen sprake mag zijn van een ontoelaatbare verstoring van de mededinging als
gevolg van die voorkennis van de zittende opdrachtnemer(s).
En Rechtbank Limburg 16 oktober 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:8758:
https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2014:8758
4.4. Het
vereiste dat een aanbestedende dienst een gelijk speelveld dient te creëren
voor de potentiële inschrijvers houdt in dat zij inschrijvers in gelijke mate
in staat stelt een concurrerende inschrijving te doen. Het
transparantiebeginsel ziet daarbij op de eis dat de aanbestedingsdocumenten
door elk van de inschrijvers op eenzelfde wijze begrepen kunnen worden en het
gelijkheidsbeginsel op de eis dat inschrijvers gelijk worden behandeld. Het
aanbestedingsrecht heeft niet tot doel op voorhand verschillen die tussen
potentiële inschrijvers bestaan te elimineren. Integendeel ziet het
aanbestedingsrecht in het algemeen en het het criterium van de economisch meest
voordelige inschrijving in het bijzonder juist op het scheppen van een omgeving
waarin verschillende aanbieders op grond van hun specifieke kenmerken een
concurrerend aanbod kunnen doen op basis van dezelfde uitgangspunten. Dat er
dus inschrijvers zijn met een verschillend niveau van kennis, kunde en
technische mogelijkheden is een constatering die in beginsel los staat van de
vraag of sprake is van een gelijk speelveld.
Ik voeg daar zelf nog iets aan toe:
Het level playing field in een aanbestedingsprocedure wordt
geborgd door de (inhoud van de)
aanbestedingsstukken, de mogelijkheid voor ondernemers om tijdens de
inlichtingenronde vragen te stellen, en de toepassing van het
motiveringsbeginsel door de aanbestedende dienst.
Lees over het vonnis Rechtbank Midden-Nederland 10 maart 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:1104 verder ook:
Geen opmerkingen:
Een reactie posten