donderdag 17 september 2026

VNG Contractstandaarden Hulpmiddelen

De VNG heeft ‘Contractstandaarden Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015), Hulpmiddelen’ laten opstellen. Het gaat om:

https://vng.nl/artikelen/agenda-en-stukken-alv-30-september-2026

- Een concept-‘Overeenkomst Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (‘Wmo 2015’) Hulpmiddelen’ van 28 pagina’s met vele invulmogelijkheden waaronder optionele artikelen en tekstblokken inclusief een toelichting van 37 pagina’s, en;

- Een concept-‘Inkoopdocument Europese openbare aanbestedingsprocedure Artikel 2.26 Aanbestedingswet 2012 Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (‘Wmo 2015’) Hulpmiddelen’ van 21 pagina’s met vele invulmogelijkheden waaronder optionele paragrafen en tekstblokken inclusief een toelichting van 8 pagina’s, en;

- Een concept-‘Inkoopdocument Toelatingsprocedure Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (‘Wmo 2015’) Hulpmiddelen’ van 19 pagina’s met vele invulmogelijkheden waaronder optionele paragrafen en tekstblokken inclusief een toelichting van 8 pagina’s.

Het doel van de VNG is ‘administratieve lastenvermindering door standaardisatie’, zo blijkt uit pagina 1 van het ‘Voorstel aan de Algemene ledenvergadering’ (Datum ALV : 30 september 2026) met agendapunt ‘Contractstandaarden Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015), Hulpmiddelen’ (hierna: ‘het ALV-voorstel’):


Doel contractstandaarden

Een belangrijk instrument om administratieve lasten te verminderen en de daarmee verbonden kosten terug te dringen is standaardisatie. Hierdoor ontstaat uniformiteit in de manier waarop gemeenten contracten afsluiten binnen de Wmo 2015, wat kan helpen om verschillen in de uitvoering te verminderen. Met contractstandaarden worden onnodige verschillen in contracten en inkoopdocumenten weggenomen waardoor de administratieve lasten afnemen. De standaard richt zich op de randvoorwaarden in een contract (de zogenoemde niet-kernbedingen), zodat een gemeente haar beleidsvrijheid houdt op het gebied van innovatie, samenwerking en transformatie.”

Zowel de aanbestedende dienst als ondernemers ervaren administratieve lasten bij inkoop en aanbesteding.

Het is dus in beginsel goed, dat gestreefd wordt naar administratieve lastenvermindering.

Ik kan me echter moeilijk voorstellen, dat de door de VNG voorgestelde concept-overeenkomst en concept-inkoopdocumenten, die slechts incidenteel (eens in de 4-6-8 jaar) zullen worden gebruikt, tot administratieve lastenvermindering voor een aanbestedende dienst zullen leiden.

Het lijkt me eerder aannemelijk, dat het gebruik van de VNG documenten zal leiden tot meer uren werk dan te doen gebruikelijk, aangezien alsdan door de aanbestedende dienst niet met haar eigen vertrouwde (standaard-) documenten kan worden gewerkt.

En blijkbaar is ook brancheorganisatie Firevaned niet overtuigd van het door de VNG nagestreefde doel. Althans, een positieve aanbeveling aan haar leden blijft achterwege.

De vele en diverse invulmogelijkheden bij de door de VNG voorgestelde concept-overeenkomst zullen verder ook niet tot standaardisatie leiden. Wat de contractuele ‘standaard’ voor de gemeenten in Nederland gaat worden, moet immers nog individueel door de gemeenten worden ‘ingevuld’. En staat dus niet ‘standaard’ vast.

Daarbij zie ik geen nut, noch een noodzaak, van/voor een overeenkomst met, door de VNG genoemde, ‘niet-kernbedingen’.

Het komt mij immers voor, dat een overeenkomst juist wel ‘de kern van hetgeen is aanbesteed/ingekocht’ zou moeten raken.

Meer uren werk leidt tenslotte ook tot een verhoging van de kosten voor de aanbestedende dienst.

In het ALV-voorstel is verder op pagina 2 opgenomen:


Verplichting

Wanneer de standaarden algemeen verbindend worden verklaard in de ALV, heeft dat het grootste effect op de vermindering van de administratieve lasten.”

Een besluit van een ALV, dat is ingevolge artikel 2: 40 lid 1 Burgerlijk Wetboek een orgaan van de privaatrechtelijke rechtspersoon vereniging, betreft echter in beginsel slechts een besluit van de privaatrechtelijke rechtspersoon vereniging zelf.

De ALV van een privaatrechtelijke rechtspersoon kan dus, buiten het lidmaatschap van een publiekrechtelijke rechtspersoon om, niets bepalen omtrent het handelen (contracteren) van en door een publiekrechtelijke rechtspersoon. Zie bijvoorbeeld ook artikel 160 lid 1 sub d Gemeentewet voor de betreffende (exclusieve) bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders van een gemeente.

De ALV van de VNG is dus niet in staat om ‘de standaarden algemeen verbindend’ voor de leden van de VNG (gemeenten) te verklaren.

Daarbij heeft de ALV van de VNG geen wetgevende bevoegdheid, dus de door de VNG gehanteerde term ‘algemeen verbindend’ is hoogst ongelukkig gebruikt.

Een vereniging kan in het voorkomend geval wel verplichtingen ten laste van de leden aangaan. Zie daartoe het bepaalde in artikel 2: 46 Burgerlijk Wetboek (BW):


De vereniging kan, voor zover uit de statuten niet het tegendeel voortvloeit, ten behoeve van de leden rechten bedingen en, voor zover dit in de statuten uitdrukkelijk is bepaald, te hunnen laste verplichtingen aangaan. Zij kan nakoming van bedongen rechten jegens en schadevergoeding aan een lid vorderen, tenzij dit zich daartegen verzet.

En de VNG heeft zo’n bepaling ook in haar statuten opgenomen.

Maar hier gaat de VNG de ‘Contractstandaarden Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015), Hulpmiddelen’ niet zelf gebruiken. Dat moeten namelijk haar leden, de gemeenten, gaan doen. Dus verplichtingen ten laste van de leden aangaan is hier niet aan de orde.

Verder is onduidelijk, wat de op pagina 2 van het ALV-voorstel door de VNG genoemde ‘verplichting’ betekent.

Hoe dan ook kan de ALV van de VNG het gebruik van de ‘Contractstandaarden Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015), Hulpmiddelen’ door de leden (gemeenten) niet verplichten.

De ALV van een voetbalvereniging kan ook niet verplichten, dat de leden thuis rood-witte sokken dragen.

Lees ook:

https://keesvandewater.blogspot.com/2026/08/een-vorm-van-zelfbinding.html

Geen opmerkingen:

Een reactie posten